Vrije val

Over een vlammetje, over een diepe val en over Socrates
Het gaat nog goed met me. Ik ben nog steeds gelukkig. Ergens. En in dat laatste woord, daar zit het ‘m.

Stil
In een eerder blog (Kwijt) beschreef ik hoe ik afdaalde in de put. Bewust en gezekerd. Omdat ik mijn geluk kwijt leek te zijn. Ik kwam ook weer boven. Met inzichten.
Het blog daarna (Tegenstander) ging over het gevecht in de arena van mijn eigen systeem. Vervolgens werd het stil in mijn blogposts. Wat is er in de tussentijd gebeurd?

Open
Was het dommigheid van me? Had ik beter moeten kijken waar ik liep? Ik wilde naar de kleedkamer. Bijkomen. Opladen. Zoiets. De put lag nog open. Was ik met de verkeerde dingen bezig? Nog teveel onder de indruk van de tegenstander?

Tegenkracht
Het lijkt zo vanzelfsprekend, bij iedere stap die je zet voel je grond onder je voeten. Dat geeft tegenkracht. Die geeft je (de) aarde. Als die grond er opeens niet meer is, dan gá je. Armen proberen wanhopig zwaaiend houvast te krijgen. Voeten weten nog niet wat er gebeurt en het hoofd, die dit alles overdreven helder waarneemt,  weet dat het onomkeerbaar is.

Een soort van zweven
Ik ben in de openstaande put gedonderd. Ongepland en ongezekerd dit keer. Zonder helm. De val zelf was helemaal zo erg nog niet. Dat is een soort van zweven. Maar je weet dat er ooit een bodem komt. BAF! En dan? Ja… en dan?

BAF! (Stilte)

Alle vormen
Ik ben vol op mijn toch al zo gevoelige ziel terecht gekomen. Mijn complete zenuwgestel lijkt open te liggen. Alle vormen van verdriet en pijn dienen zich aan. In alle hevigheid.

Rouw bijvoorbeeld, om het verlies van mijn basis (De vertrouwde grond is nu ruim een jaar weg). Liefdesverdriet in al haar heftigheid (Tjesus die is nog grootser dan verliefdheid zelf!). De pijn van geschonden vertrouwen (Wat kunnen vrienden pijnlijke dingen doen). Het gruwelijk schrijnen van een onvervulbaar verlangen (au! Au! AU!). Machteloosheid in het onomkeerbare. (Het zinloos wensen van het tegendeel). De brandende echo’s van keuzes om het vege lijf te redden (Had ik anders moeten doen? Anders kúnnen doen? Had ik maar…)

En dan die enorme eenzaamheid. Want het is mijn put tenslotte. Anderen kunnen mij van over de rand bemoedigend toeroepen of andere goedbedoelde hulp aanreiken. Maar als je in je eigen put valt, dan lig je -hoe dan ook- alleen. Het is jouw put.

Sceptici
De stofwolken dalen zachtjes neer. Alles in mijn systeem voelt beurs. Daar lig ik dan met mijn geluk… In mijn geestesoor hoor ik de sceptici schimpen. Hé, haha, je had toch besloten om gelukkig te zijn? Nou dan?!

Natuurlijk ga ik bij mezelf na hoe dat zit. Is mijn geluk dan echt weg? Lul ik maar wat in de ruimte? Houd ik jullie en mijzelf in al die blogs niet gewoon de hele tijd voor de gek? Hebben die sceptici gelijk?

Anders
Ik ken de put. Het is een zwart gat. Doffe ellende. Hoe vaak heb ik er al niet in gezeten? Maar deze keer is het tóch anders. Het dóffe ontbreekt. Ik voel in al mijn beursheid de levensenergie nog stromen en verkeer niet in volledige duisternis.

Waakvlammetje
Hoe wonderlijk. Ondanks mijn vrije val is ook nu dat kleine waakvlammetje van mijn geluksbesluit dus blijven branden. En het geeft voldoende licht om om me heen te kijken.

Volledig
Ik heb de put nooit écht beleefd. Ik was altijd te druk met ontvluchten. Langs de donkere wanden van tegenslag probeerde ik zo snel mogelijk naar boven te klimmen (Wat een moeilijke weg is omdat je steeds weer terugglijdt).

Op onderzoek
Met het licht van mijn waakvlam besluit ik nu eens voor iets anders te kiezen: Ik ga op onderzoek uit! Wat ís die put eigenlijk? Wat valt er te zien, en belangrijker nog: te beleven?
Dat vraagt een belangrijke stap van me. Volledige aanvaarding van wat is.
Ik denk dat ik er alleen maar bij heb te winnen. (Het vlammetje licht opeens iets op.)

Schaduwen
Alle schaduwen van angst, pijn en verdriet spelen een langdurig en griezelig schimmenspel op de wanden om mij heen. Dan opeens komen ze los van de muur, komen in macabere dans dichterbij en dichterbij om uiteindelijk in mijn openliggende zenuwgestel te kruipen.
Ik laat het toe en ik ontvlucht het niet. Ik neem ten volle waar wat er gebeurt en voel hoe diep de pijn zit. Hoe kolkend mijn verdriet kan stromen.

Overuren
Makkelijk is het niet. Ik heb een zware tijd. Mijn breinen maken overuren. De één roert zich nog harder dan de ander. Ieder brein houdt zich druk bezig met de schaduwen in mijn systeem. Ze putten uit elkaars bron. Mijn kritische brein leeft zich helemaal uit. Er lijkt geen einde aan te komen. En het duurt nu al weken. Waar ik ook ben en wat ik ook doe, de schaduwen spelen hun spel in mij. Verrassen me met aanvallen van intens verdriet op de meest onhandige momenten.

Ergens
Het kleine vlammetje van geluk lijkt geheel overschaduwd. Weggeblazen in de storm. Verdronken in de tranen. Toch, steeds als ik het zoek en me haar herinner, dan flikkert ze even op. Het zijn zeldzame momentjes in de afgelopen weken, maar het laat me steeds weer inzien dat het anders is dan voorheen. Ik heb nog steeds contact met mijn geluk. Ergens. En dat geeft me vertrouwen. Maakt dat ik het durf uit te zitten.

Inscriptie
In zo’n klein moment van verlichting zie ik hem staan op de wand. Die oude inscriptie.
“Het geheim van veranderen is om je energie niet te richten op het bestrijden van het oude maar op het realiseren van het nieuwe. (Socrates)”
(En weer licht mijn vlammetje iets op.)

Socrates. In mijn put… hoe bijzonder. Ik ben opeens een Indiana Jones die zojuist een aanwijzing kreeg.

Energie
Natuurlijk! Socrates heeft gelijk! Ook geluk heeft voeding en energie nodig. Dat heb ik de laatste tijd nagelaten.
Ik ben voordat ik de put in donderde teveel bezig gegaan met het verdédigen van mijn geluk. Ben in de vechtstand komen te staan. Dat werd door de tegenstander in de arena alleen maar versterkt. Hierdoor ging mijn aandacht (weer) naar wat ik níet wil, naar het verlies, naar de pijn en naar de oorzaken daarvan. En ook in de put stop ik meer energie in mijn schaduwen dan in het vlammetje. Geen wonder dat het steeds lijkt te doven. Keer op keer heb ik in alles de keuze: Vechten of creëren? Te vaak ben ik voor vechten gegaan, omdat die simpelweg een groter appél op me doet. Dat is de valkuil. Terwijl juist in creëren mijn kracht ligt.

Wat mooi toch dat juist in de onstuimigheid van de aanvaarding van wat ís, waar het vechten dus stopte, die oude inscriptie zichtbaar werd.

Besluit
Het is wellicht een tweede groot besluit in mijn wonderlijke proces.
Ik ga mijn besluit om gelukkig te zijn versterken. Ik ga het grond (de aarde) geven. Ik richt mijn energie en aandacht op het creëren van die voorwaarden die mijn geluk in haar volle wasdom zetten. Zodat het vlammetje weer volop vlam kan zijn.

Hoe dat uitwerkt lees je vast wel in komende blogs.


Ik neem je graag mee in wat voor wonderbaarlijke ervaringen ik allemaal beleef sinds mijn besluit (!) om gelukkig te zijn.
Fijn dat je meeleest. Positief commentaar is altijd welkom.
(En oh ja… Alles wat ik schrijf is gebaseerd op waargebeurde momenten en ervaringen.)

Liefs, Hugo

Een gedachte over “Vrije val

  1. Wat is het toch fijn om te weten dat je ondanks dat je alleen in je eigen put zit, er meer bezette putten zijn. Fijn om de komende tijd te lezen hoe het vlammetje steeds een beetje sterker gaat worden. Ik verheug me er op.
    Laten we allemaal lekker gaan vlammen!!!

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s